Wednesday, June 9, 2010

Dinsdag 8 juni

Vanmorgen al vroeg op de fiets.
Onderweg zag ik steeds meer houten huizen waarbij het naturel grijs van het hout  met golfplaten overheerst. Tussendoor ook gele en blauwe legoblokjes in het landschap met bij elke boerderij een nest met ooievaars.
Bij de grens met Litouwen was een vrouw zo vriendelijk om me op de foto te zetten.
Nu ben ik in Druskininkai. Een aardige stad met veel houten huizen die vaak prachtige ornamenten hebben. 
Midden in de stad staat in een park een Russisch Orthodoxe kerk. De pope was vriendelijk en geduldig in zijn uitleg hoe men als mens de eeuwige zaligheid kan bereiken.

Zondag 6 juni

Vanaf de boerderij in Staniewo het pad teruggenomen naar Swieta Lipka. Op aanraden van Gerhardt nog even geluisterd (en gekeken) naar het fantastische orgel daar. Busladingen vol toeristen komen er om te kijken en luisteren naar het monumentale orgel. Het klinkt prachtig, maar het bijzondere is dat bij bepaalde registraties ook bepaalde dingen te zien zijn. Wanneer het trompetregister wordt opengetrokken heffen 2 reusachtige gouden engelen hun bazuinen naar de mond en bij de bourdon begint een nog hoger geplaatste engel op een luit te spelen. Heel knap moet ik zeggen, maar de muziek wordt er door deze draaiorgeleffecten niet mooier van. Uniek is het wel. Groepjes geestelijken spoedden zich met hun collectemandjes door de stampvolle kerk.. Inderdaad, het hele front van de basiliek moet nog gerestaureerd worden.
Van Swieta Lipka naar Kruklanki gereden. Daar stond een wisent model en ik heb me ermee op de foto laten zetten voor het geval ik te laat in Cerwony Dwor zou zijn. Ik was er op tijd maar de wisenten lieten zich niet zien. In ieder geval toch nog een plaatje voor de bovenbouwers zoals ik ze beloofd had.
Verder naar Sajzy gereden door de Puszczta Borecka over een een tientallen kilometers lange weg van keien en los zand en het begon al donker te worden voor ik er was. 10 jaar geleden zijn we er met ons vieren geweest. Het is nu anders daar, het maakte me verdrietig en ben de volgende dag doorgegaan naar Suwalki.

Zaterdag 5 juni


Het was vandaag mooi weer om te fietsen en Mazurië zag er beeldschoon uit. De foto's kunnen niet laten zien hoe het in het echt is.
Ik kwam langs het dorpje Glotowo waar ik een onevenredig groot barok godshuis zag staan. Je vraagt je af hoe zoiets kan. Bij de poort stond gelukkig ook in het Duits de geschiedenis vermeld:
In 1300 hebben de bewoners de heilige hostie in een kelk begraven om deze uit handen te houden van de heidense Litouwers. De hostie werd jaren later door een boer opgeploegd.
De ossen knielden midden in het veld eerbiedig neer... Men besloot daar een kapel te bouwen en Glotowo werd een bedevaartsoord waar veel geld verdiend werd. In het begin van de achttiende eeuw nam de pelgrimage zo'n omvang aan dat er een grote kerk werd gebouwd. Het werd een parel van de barok!
De overeenkomst met het wonder van niervaart is treffend. Een boer in het Westbrabantse Klundert doorstak op het land met een riek een hostie. De bloedende(!) hostie werd naar Breda gebracht en tentoongesteld.
Elk jaar kwamen er duizenden pelgrims op af en met het geld kon de Grote Kerk in Breda gebouwd worden. Een parel van de gotiek! Er zullen nog wel veel meer van die legendes bestaan die de financi"ele basis vormen voor grote kerkelijke kunstprojecten.
In Swieta Lipka overnacht op de boerderij van de familie Haritz, een Duitse familie die er al sinds 1912 woont. Na de oorlog zijn ze er blijven wonen. Ik had een grote kamer met een enorme tegelkachel in het midden.
's Avonds nog even rondgekeken op de boerderij. Het ziet er wat vervallen en chaotisch uit met verroeste landbouwwerktuigen, trekkers en mesthopen waar kippen en ganzen tussendoor scharrelen.
Toen ik 'smorgens vlak voor vertrek nog even in de huiskamer aan de koffie zat kwam Gerhardt Harits (1934) er nog even bij zitten om me wat te vertellen en te vragen over Nederland. Zijn grootvader heeft de boerderij gebouwd en ze hebben het altijd goed gehad. Maar er was ook een zeer zware tijd en hij begon over zijn traumatische ervaringen bij de bevrijding van Polen. De gedisciplineerde Russische soldaten deden hun werk, waren 's avonds moe en sliepen. Maar kort na hun vertrek kwamen de burgermilities die verkrachtend, moordend en brandstichtend het leger achterop kwam. Een half jaar hebben ze bij hun in huis gezeten. 
Gerhardts vader werd weggevoerd en is nooit meer teruggekomen. Meisjes vluchtten de velden in en bleven weken weg. Gerhardt kende een man die 6 maanden lang in een boom heeft geleefd, onafgebroken. Hij leeft nog wel maar is de rest van zijn leven aan een rolstoel gekluisterd door de reuma. Als jongen van 11 jaar heeft hij de ergste dingen gezien, tot aan executies toe waarbij dan hard gelachen werd, herinnert hij zich. Na een uur vertellen zei hij: wij zijn ook slachtoffer van de oorlog. De kinderen moeten dit weten zodat het nooit meer zal gebeuren.
 

Friday, June 4, 2010

Ostroda

Toen ik eergisteravond bij de zussen Krystyna en Maryla M. wilde vertrekken werden we verrast door een enorme plensbui. Ze haalden direct beddengoed uit de kast en besloten dat ik daar moest blijven. De fiets snel opgehaald van de camping en werd geparkeerd in de gang van het appartement. 's Morgens na een heerlijk ontbijt vertrokken richting Ostroda. Zulke gastvrije mensen kom je tegen. De mensen zeggen hier: Gast in huis, god thuis.
Onderweg passeerde een man in zijn auto en bleef op de eerstvolgende parkeerplaats wachten om te vragen wat iemand bewoog om in zo'n heidense outfit (op sacramentsdag n.b.!) door Polen te fietsen. Hij nodigde me uit om in Ostroda bij hem de nacht door te brengen, waar ik niet op in kon gaan. Op een eenzame weg 60 km verderop haalde een wielrenner mij in: het was dezelfde man en wees me de weg naar de camping in Kretowiny.  
Maar er zijn ook wel mensen die hun ongeduld laten blijken als ze even niet kunnen inhalen wanneer je niet zo snel als een auto (hoe vreemd) een berg op komt.
Gisteren voor het eerst na vier dagen de zon weer gezien. Hopelijk wordt het ook wat warmer. De rivieren staan boordevol. De Wisla (Weichsel) is een enorme stroom en er zal nog veel water doorheen moeten voor ze in Zuid Polen weer droge voeten hebben! 
Morgen fiets ik verder. Ooit komt er wel een eind aan dit grote maar ook prachtige land.

Wednesday, June 2, 2010

Lasin

Vanmorgen vroeg uit Bory Tucholskie vertrokken. Het was weer een grijze dag maar gelukkig bleef het droog.

Aanvankelijk was ik van plan naar Malbork te gaan, maar daar waren mijn benen even niet goed genoeg voor. Nu zit ik in Lasin, ik heb 84 kilometer gereden. Ik probeer de grote doorgaande wegen te vermijden. Erg gevaarlijk soms. De wegkanten zijn vaak kapotgereden en je moet tijdens een afdaling goed uitkijken dat je niet in een gemene kuil of groef belandt, terwijl de vrachtwagens je keihard voorbij denderen. Daarom heb ik maar wat meer landelijke wegen genomen wat wel betekent dat je meer kilometers moet maken. Vandaag zat ik een heel eind op een zandweg waar geen eind aan leek te komen.

Toen ik in Lasin aankwam vroeg ik aan een mevrouw die in de tuin aan het werk was hoe ik bij de camping kon komen. Ze heet Christina en ze woont al 17 jaar in Nederland, dus dat uitleggen was geen probleem. Ze is op familiebezoek en samen met haar zus Maria heeft ze mij erg gastvrij onthaald, met koffie, borrel en een heerlijke maaltijd! En de camping is gratis, dat heeft Christina voor mij ook nog geregeld.

Morgen is het in Polen sacramentsdag. Dan is iedereen vrij, en er zijn dan overal processies. Op de weg zal het dan wel een stuk rustiger zijn. Tot snel!

Tuesday, June 1, 2010

Verder in Polen

Vandaag heb ik weer een flink stuk kunnen fietsen ondanks het grauwe weer: 122 kilometer. De tocht voerde me door het bosgebied Bory Tucholskie, wat prettig fietsen was. De teller staat nu op 1376 kilometer. Ik ben nu bij het Poolse dorpje Tlen, 30 kilometer ten oosten van Tuchola.

Artikel in de Elbe-Jeetzel Zeitung

Onderweg kom ik veel mensen tegen die me steunen. Zo is er een artikel verschenen in de krant van Elbe-Jeetzel, om aandacht te besteden aan mijn tocht. Hieronder volgt het artikel zoals dat verschenen is.

Radeln gegen den Darmkrebs

Leo Hulshof fährt 3 000 Kilometer mit dem Rad, um Geld für die Behandlung von Krebspatienten zu sammeln

von Rouven Groß
Dannenberg. Leo Hulshof hat einen langen Weg vor sich. Der Lehrer aus der Nähe des  holländischen Breda ist unterwegs nach Valamo, einem Kloster in Finnland, 500 Kilometer nördlich von Helsinki. Aber Leo Hulshof fährt die mehr als 3 000 Kilometer nicht aus Spaß am Fahrradfahren. Er fährt sie, um Geld zu sammeln, Geld für den Kampf gegen Darmkrebs. Denn an dieser tückischen Krankheit starb seine Frau Els, ein Jahr ist das her. Am Dienstag machte Leo Hulshof Station in Dannenberg. 
Eine Woche sei er jetzt unterwegs, berichtet der freundliche Mann, dem man seine Entschlossenheit ansieht. Sechs Wochen liegen noch vor ihm. "Nachts schlafe ich in meinem Zelt", lächelt Leo Hulshof. In Dannenberg allerdings hat er ein festes Dach über dem Kopf, denn er und seine beiden Begleiter übernachten auf Einladung von Udo Daasch im Hotel "Marschtor". "Das ist toll: Man kommt hier an und wird gleich so freundlich und hilfsbereits aufgenommen", sagt Hulshof. Und auch die Geldspende des DEHOGA-Kreisverbandes, die ihm Maja Grönecke überreicht, komme "ganz unerwartet". 
Mit dem Ziel seiner Reise, dem finnischen Kloster Valamo, das weltweit bekannt ist für seine große Ikonen-Sammlung, hat es eine ganz besondere Bewandtnis, erzählt Leo Hulshof. "Als meine Frau erkrankte, und es ihr immer schlechter ging, beschloss sie, nach Valamo zu pilgern, in der Hoffnung, dadurch neue Kraft zu schöpfen", erinnert sich Hulshof. Doch ihre Pilgerreise endete noch in den Niederlanden, in Kruisland. "Dort war sie so geschwächt, dass es nicht weiterging, und wir mussten umkehren." Daher habe er seine Radtour auch in Kruisland begonnen. "Das schien mir der richtige Ort zu sein", sagt er und lächelt wieder. Nein, er habe seiner Frau nicht versprochen, die Pilgerreise zu machen, betont der Witwer. "Aber ich wollte es, und ich wollte damit etwas erreichen: den Kampf gegen den Krebs unterstützen."
Das Geld, das Leo Hulshof auf seiner Tour sammelt, soll der Universitätsklinik Nimwegen zugute kommen. Dort arbeitet der Arzt, der seine Frau bis zu ihrem Tode behandelte und betreute, Pr. Dr. Hans de Wilt. "Es wäre toll, wenn so viel Geld zusammenkommen würde, dass damit ein Forscher ein Jahr lang arbeiten könnte, um bessere Diagnose- oder Heilmöglichkeiten für Darmkrebs zu finden", hofft Leo Hulshof. "Wenn Menschen einen Cent für jeden Kilometer, den ich fahre, spenden, dann wäre das toll. Das sind 30 Euro, und wenn viele mithelfen, kann eine gute Summe zusammenkommen, die hilft, Darmkrebspatienten besser zu behandeln." 
Einiges an Geld sei schon zusammengekommen, freut sich der Lehrer. Und daran haben die Schüler seiner Schule einen großen Anteil: "Sie haben, als ich vor einer Woche aufbrach, einen Sponsorenlauf organisiert  allein, ohne mir Bescheid zu sagen. Als Überraschung und als Geschenk, ist er sichtlich stolz auf das Engagement der Kinder und Jugendlichen. Gut 10 000 Euro seien dadurch zusammengekommen. “Das ist so toll, ich wusste gar nicht, was ich sagen soll."
Ab heute fährt Leo Hulshof allein. "Meine Begleiter, also mein Bruder und seine Frau, waren bis Dannenberg mitgekommen und fahren jetzt wieder nach Hause", erzählt er. Sorge bereitet im aber nicht die Einsamkeit auf der Straße oder nachts im Zelt. "Ich mache mir jetzt erst einmal Sorgen, wie ich über die Oder nach Polen komme: wegen des Hochwassers", schmunzelt der sympathische Enthusiast. Wer seinen 
Weg weiterverfolgen möchte, kann das über sein Internet-Tagebuch machen. Unter http://hoeverishetnog.blogspot.com findet man täglich aktualisierte Berichte von der Fahrt. Und dort findet man auch das Konto, auf das man Geld einzahlen kann, wenn man Leo Hulshof bei seinem ganz persönlichen Kampf gegen den Darmkrebs unterstützen möchte.